De eindtermen van Wft Basis: alle onderwerpen op een rij
Bijgewerkt op
Wft Basis heeft zestien eindtermen, verdeeld over twee taken en één eindterm voor professioneel gedrag. De eindtermen 1a tot en met 1g gaan over kennis, 2a tot en met 2d over vaardigheden, 3a tot en met 3d over competenties en 4a over integer handelen. Elke eindterm is uitgewerkt in toetstermen, en daaruit maakt het CDFD de examenvragen. Voor examens vanaf 1 april 2026 geldt het document "Eindtermen en toetstermen module Basis geldend voor examens vanaf 1 april 2026".
Alle eindtermen op een rij
De tabel volgt de nummering van het CDFD. In de laatste kolom staan de toetstermen zoals ze in het document genummerd zijn.
| Eindterm | Onderwerp | Wat erin zit | Toetstermen |
|---|---|---|---|
| Taak 1: informeren en doorverwijzen van de klant, aangaan van de financiële relatie | |||
| 1a | Financiële huishouding van de klant | Sparen, ontsparen en lenen, economische kringloop, levensfasen, samenlevingsvormen, erfrecht, Successiewet, partnertoestemming, box 1, 2 en 3, legitimatie, BKR, handelingsbekwaamheid en onderbewind, schulden en schuldsanering | 1a.1 t/m 1a.12 |
| 1b | Betalen, sparen en elektronisch geld | Betaalrekening openen en toetsen, betaalproducten, spaarmotieven, spaarvormen, banksparen, beleggen en risico, beleggingsfondsen, aandelen en obligaties, depositogarantiestelsel, boedelrekening | 1b.1 t/m 1b.22 |
| 2a | Rekenen | Eenvoudige berekeningen bij bank- en verzekeringsproducten, belastingen en de wettelijke verdeling in het erfrecht | 2a.1 |
| 2b | Gegevens inventariseren | Identiteit en tekenbevoegdheid controleren, balans en inkomsten-uitgavenoverzicht, factuur met btw of assurantiebelasting, overeenkomst vastleggen | 2b.1 t/m 2b.4 |
| 3a | Intakegesprek | Een zakelijk intakegesprek voeren | 3a.1 |
| 3b | Klant informeren | Informeren met oog voor sociaaleconomische en sociaal-culturele kenmerken, stortingen en opnames van contant geld (fraude, meldplicht), overzichten voor later en tijdig doorverwijzen | 3b.1 t/m 3b.3 |
| Taak 2: beheren van de relatie en service verlenen | |||
| 1c | Financieringsmogelijkheden | Kredietwaardigheid, consumptief krediet en vormen ervan, BKR-toetsing, recht van hypotheek, hypothecair krediet, risico's, taxatie, woonquote, NHG, notaris, aflossingsvormen, rentevaste periode, betalingsuitstel | 1c.1 t/m 1c.27 (1c.22 vervallen) |
| 1d | Persoonlijke risico's en oplossingen | Klantprofiel, verzekerbare risico's, werknemers- en volksverzekeringen, premieopbouw, arbeidsongeschiktheid, ongevallen, medische kosten, ouderdoms- en nabestaandenpensioen, soorten pensioenfondsen | 1d.1 t/m 1d.19 |
| 1e | Verzekeringsbegrippen | Wet van de grote aantallen, risicospreiding, premiecomponenten, bezits- en aansprakelijkheidsverzekeringen, WAM, rechtsbijstand | 1e.1 t/m 1e.11 |
| 1f | Ordening en toezicht | Informatiebronnen en informatiedocumenten, klachten en geschillen, beloning en provisieverbod, prudentieel, systeem- en gedragstoezicht, zorgplicht, vergunning, distributievormen, effectendienstverlening, adviestraject, soorten bemiddelaars, AVG | 1f.1 t/m 1f.40 (1f.4 en 1f.9 vervallen) |
| 1g | Wet- en regelgeving verzekeringen | Totstandkoming en acceptatie, rollen rond de polis, voorlopige dekking, schade- en sommenverzekering, mededelingsplicht, opzet en eigen gebrek, indemniteit, onder- en oververzekering, opzeggen, wanbetaling, respijttermijn | 1g.1 t/m 1g.24 |
| 2c | Leads genereren | Contact leggen met (potentiële) klanten | 2c.1 |
| 2d | Klantdossier | Dossiers aanleggen en onderhouden, traceerbaar en reconstrueerbaar | 2d.1 |
| 3c | Klachten behandelen | Een klacht van een klant behandelen | 3c.1 |
| 3d | Relaties beheren | Klant- en productgegevens bijhouden (fraudesignalen, risicoprofiel), klant informeren bij overlijden of echtscheiding | 3d.1 en 3d.2 |
| Algemene vaardigheden: professioneel gedrag | |||
| 4a | Integer handelen | Dilemma's herkennen en bespreken, doorverwijzen, alert zijn op fraude, maatschappelijk onwenselijke situaties, zorgvuldig omgaan met klantgegevens en privacy | 4a.1 t/m 4a.5 |
Hoe je de nummering leest
Het eerste cijfer zegt wat voor soort eindterm het is. Een 1 staat voor kennis, een 2 voor vaardigheden, een 3 voor competenties en een 4 voor professioneel gedrag. De letter is gewoon een volgnummer. Daarom staan 1a en 2a allebei in taak 1, terwijl 1c pas in taak 2 begint.
Achter elke toetsterm staat in het CDFD-document een kennisniveau: K voor kennis (weten wat iets is) of B voor begrip (kunnen uitleggen of toepassen). Een toetsterm op B-niveau vraagt dus meer dan een definitie. Kijk daarom bij het oefenen niet alleen naar wat een begrip betekent, maar ook naar wat het voor een klant uitmaakt.
Welke eindtermen het zwaarst wegen
De kennis-eindtermen 1a tot en met 1g leveren samen de 21 K/B-vragen. Het CDFD zegt niet hoe die over de eindtermen verdeeld worden. Bij de casusvragen is het wel duidelijk. Volgens de toetsmatrijs zijn 28 van de 42 casuspunten voor taak 1. Daar horen 1a, 1b, 2a, 2b, 3a en 3b bij. Rekenen (2a) en het opstellen van overzichten (2b) komen dus vooral in casussen terug.
Een paar onderwerpen springen eruit omdat ze in meer eindtermen voorkomen. BKR staat in 1a, 1b en 1c. Fraude komt terug in 3b, 3d en 4a. Erfrecht staat in 1a en is ook een rekenonderwerp in 2a. Wie zo'n onderwerp goed kent, scoort er op meerdere plekken mee.
Wat er de laatste jaren veranderde
- Per 1 april 2024 kwamen 1a.11 (handelingsbekwaamheid, toestemmingsvereiste en onderbewindstelling) en 1a.12 (maatregelen bij schulden en schuldsanering) erbij. In 1f.2 werd het dienstverleningsdocument vervangen door de vergelijkingskaart.
- Per 1 april 2026 kreeg het examen één K/B-vraag extra: 42 vragen en 63 punten. Basis staat niet in het CDFD-overzicht van toetstermen die per die datum wijzigen.
Een detail voor wie de stukken zelf naleest: de toetsmatrijs noemt bij taak 2 "1g.1 t/m 1g.25", maar het toetstermendocument van 1 april 2026 stopt bij 1g.24. Wij houden het toetstermendocument aan.
Oefenen per eindterm
Op wftexamenoefenen.nl kun je per eindterm oefenen, zodat je gericht aan je zwakke onderwerpen werkt. De vragen zijn eigen vragen, geen CDFD-vragen. Hoe zwaar elk onderdeel in het examen weegt, lees je in oefenen met een oefenexamen. Twee onderwerpen uit 1b en 1f hebben een eigen artikel: het depositogarantiestelsel en toezicht door AFM en DNB. Probeer de gratis oefentest.
Bronnen: cdfd.nl (Eindtermen en toetstermen module Basis geldend voor examens vanaf 1 april 2026, Samenstelling initiële Wft-examens vanaf 1 april 2026, Overzicht te wijzigen toetstermen per 1 april 2026), internetconsultatie.nl (vakbekwaamheid Wft 2024) (geraadpleegd oktober 2026).
Veelgestelde vragen
Hoeveel eindtermen heeft Wft Basis?
Zestien: kennis 1a tot en met 1g, vaardigheden 2a tot en met 2d, competenties 3a tot en met 3d en integer handelen 4a.
Welke eindtermen gelden voor het examen in 2026?
Voor examens vanaf 1 april 2026 geldt het CDFD-document met eindtermen en toetstermen module Basis van 1 april 2026, gebaseerd op de regels van 1 januari 2026.
Wat is het verschil tussen een eindterm en een toetsterm?
Een eindterm is een onderwerp, zoals 1f ordening en toezicht. Toetstermen werken dat uit in concrete punten, zoals 1f.1 tot en met 1f.40, met kennisniveau K of B.
Vragen laatst gecontroleerd: oktober 2026.